Handelingen 23:27
“Deze man was door de Joden gegrepen en zou door hen gedood zijn; toen kwam ik met de krijgsmacht en bevrijdde hem, omdat ik vernomen had dat hij een Romein was.”
Kruisverwijzingen
Context
Handelingen 23 — omringende verzen
De overste over duizend liet dan de jonge man gaan en beval hem: Zeg niemand dat gij mij deze dingen bekendgemaakt hebt.
23En hij riep tot zich twee hoofdmannen over honderd en zei: Maakt tweehonderd soldaten gereed om naar Caesarea te gaan, en zeventig ruiters en tweehonderd speerdragers, om het derde uur van de nacht;
24En verschaft rijdieren, opdat zij Paulus daarop kunnen zetten en hem veilig tot Felix, de stadhouder, kunnen brengen.
25En hij schreef een brief van deze inhoud:
26Claudius Lysias aan de doorluchtigste stadhouder Felix, groet.
Deze man was door de Joden gegrepen en zou door hen gedood zijn; toen kwam ik met de krijgsmacht en bevrijdde hem, omdat ik vernomen had dat hij een Romein was.
En toen ik wilde weten de oorzaak waarom zij hem beschuldigden, bracht ik hem voor in hun raad;
29En ik merkte dat hij beschuldigd werd over vraagstukken van hun wet, maar dat hij geen beschuldiging tegen zich had die de dood of gevangenschap waardig was.
30En toen mij werd meegedeeld hoe de Joden een aanslag op de man beraamden, zond ik hem onmiddellijk naar u toe, en gaf ook aan zijn aanklagers opdracht voor u te zeggen wat zij tegen hem hadden. Vaarwel.
31Toen namen de soldaten, zoals hun was bevolen, Paulus mee en brachten hem 's nachts naar Antipátris.
32De volgende dag lieten zij de ruiters met hem meegaan en keerden zelf terug naar de kazerne.