Job 38:17
“Zijn u de poorten des doods geopend? Of hebt gij de deuren van de schaduw des doods gezien?”
Kruisverwijzingen
Context
Job 38 — omringende verzen
Hebt gij ooit de morgen geboden sinds uw dagen begonnen; en de dageraad zijn plaats doen kennen,
13Opdat het de einden der aarde zou grijpen, zodat de goddelozen daaruit worden geschud?
14Het wordt omgekeerd als klei onder het zegel; en zij staan als een kleed.
15En van de goddelozen wordt hun licht onthouden, en de opgeheven arm zal worden gebroken.
16Zijt gij doorgedrongen tot de bronnen der zee? Of hebt gij gewandeld in het doorzoeken van de diepte?
Zijn u de poorten des doods geopend? Of hebt gij de deuren van de schaduw des doods gezien?
Hebt gij de breedte der aarde overzien? Verklaar het, indien gij dit alles weet.
19Waar is de weg waar het licht woont? En wat de duisternis betreft, waar is de plaats daarvan,
20Dat gij het naar zijn grens zoudt brengen, en dat gij de paden naar zijn woning zoudt kennen?
21Kent gij het, omdat gij toen geboren waart? Of omdat het getal van uw dagen groot is?
22Zijt gij ingegaan in de schatkamers van de sneeuw? Of hebt gij de schatkamers van de hagel gezien,