Johannes 10:4
“En wanneer hij zijn eigen schapen naar buiten gedreven heeft, gaat hij voor hen uit, en de schapen volgen hem, want zij kennen zijn stem.”
Kruisverwijzingen
Context
Johannes 10 — omringende verzen
Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Wie de schaapskooi niet binnengaat door de deur, maar langs een andere weg naar binnen klimt, die is een dief en een rover.
2Maar wie door de deur naar binnen gaat, is de herder van de schapen.
3Voor hem doet de deurwachter open, en de schapen horen zijn stem; en hij roept zijn eigen schapen bij name en leidt hen naar buiten.
En wanneer hij zijn eigen schapen naar buiten gedreven heeft, gaat hij voor hen uit, en de schapen volgen hem, want zij kennen zijn stem.
Een vreemde zullen zij niet volgen, maar zij zullen voor hem vluchten, want zij kennen de stem van vreemden niet.
6Deze gelijkenis sprak Jezus tot hen, maar zij begrepen niet wat de dingen waren die Hij hun sprak.
7Jezus dan zei opnieuw tot hen: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Ik ben de deur van de schapen.
8Allen die vóór Mij gekomen zijn, zijn dieven en rovers; maar de schapen hebben niet naar hen geluisterd.
9Ik ben de deur; als iemand door Mij naar binnen gaat, zal hij behouden worden, en hij zal ingaan en uitgaan en weide vinden.