Johannes 11:49
“En een van hen, Kajafas genaamd, die dat jaar hogepriester was, zeide tot hen: Gij weet helemaal niets,”
Kruisverwijzingen
Context
Johannes 11 — omringende verzen
En de gestorvene kwam naar buiten, aan handen en voeten gebonden met grafdoeken, en zijn gezicht was omwonden met een zweetdoek. Jezus zeide tot hen: Maakt hem los en laat hem gaan.
45Velen dan van de Joden die tot Maria gekomen waren en gezien hadden wat Jezus gedaan had, geloofden in Hem.
46Maar sommigen van hen gingen naar de Farizeeën en vertelden hun wat Jezus gedaan had.
47Toen riepen de overpriesters en de Farizeeën de raad bijeen en zeiden: Wat doen wij? Want deze Mens doet vele tekenen.
48Indien wij Hem zo laten begaan, zullen allen in Hem geloven, en de Romeinen zullen komen en zowel onze plaats als ons volk wegnemen.
En een van hen, Kajafas genaamd, die dat jaar hogepriester was, zeide tot hen: Gij weet helemaal niets,
en gij overweegt niet dat het nuttig voor ons is dat één mens sterft voor het volk, en niet heel het volk verloren gaat.
51En dit zeide hij niet uit zichzelf, maar als hogepriester van dat jaar profeteerde hij dat Jezus sterven zou voor het volk,
52en niet alleen voor dat volk, maar ook opdat Hij de verstrooide kinderen van God tot één zou vergaderen.
53Van die dag af dan beraadslaagden zij om Hem te doden.
54Jezus dan wandelde niet meer openlijk onder de Joden, maar ging vandaar naar een landstreek nabij de woestijn, naar een stad genaamd Efraïm, en verbleef daar met Zijn discipelen.