Terug naar Johannes 16
VSV
Statenvertaling

Johannes 16:21

Een vrouw, als zij baart, heeft verdriet, omdat haar uur is gekomen; maar zodra zij het kind heeft gebaard, denkt zij niet meer aan de benauwdheid, vanwege de blijdschap dat er een mens in de wereld is geboren.

Kruisverwijzingen

Context

Johannes 16 — omringende verzen

16

Een korte tijd, en u zult Mij niet meer zien; en wederom een korte tijd, en u zult Mij zien, omdat Ik tot de Vader ga.

17

Toen zeiden sommigen van Zijn discipelen onder elkaar: Wat is dit dat Hij tot ons zegt: Een korte tijd, en u zult Mij niet zien; en wederom een korte tijd, en u zult Mij zien; en: Omdat Ik tot de Vader ga?

18

Zij zeiden dan: Wat is dit dat Hij zegt: Een korte tijd? Wij weten niet wat Hij zegt.

19

Jezus nu wist dat zij Hem wilden vragen, en Hij zei tot hen: Vraagt u onder elkaar over wat Ik heb gezegd: Een korte tijd, en u zult Mij niet zien; en wederom een korte tijd, en u zult Mij zien?

20

Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u dat u zult wenen en klagen, maar de wereld zal zich verheugen; en u zult bedroefd zijn, maar uw droefheid zal in blijdschap veranderd worden.

21

Een vrouw, als zij baart, heeft verdriet, omdat haar uur is gekomen; maar zodra zij het kind heeft gebaard, denkt zij niet meer aan de benauwdheid, vanwege de blijdschap dat er een mens in de wereld is geboren.

22

En u hebt dan nu wel verdriet, maar Ik zal u wederzien, en uw hart zal zich verheugen, en uw blijdschap zal niemand van u wegnemen.

23

En op die dag zult u Mij niets vragen. Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Al wat u de Vader vraagt in Mijn Naam, zal Hij u geven.

24

Tot nu toe hebt u niets gevraagd in Mijn Naam; vraagt, en u zult ontvangen, opdat uw blijdschap vervuld zal worden.

25

Deze dingen heb Ik in gelijkenissen tot u gesproken; maar de tijd komt dat Ik niet meer in gelijkenissen tot u zal spreken, maar u ronduit over de Vader zal verkondigen.

26

Op die dag zult u vragen in Mijn Naam; en Ik zeg u niet dat Ik de Vader voor u zal bidden,