Klaagliederen 3:31
“Want de HEER zal niet voor eeuwig verstoten.”
Kruisverwijzingen
Context
Klaagliederen 3 — omringende verzen
Het is goed dat een man zowel hoopt als stil wacht op de verlossing van de HEER.
27Het is goed voor een man dat hij het juk in zijn jeugd draagt.
28Hij zit alleen en houdt stilte, omdat hij het op zich heeft genomen.
29Hij legt zijn mond in het stof; misschien is er hoop.
30Hij biedt zijn wang aan hem die hem slaat; hij is verzadigd van smaad.
Want de HEER zal niet voor eeuwig verstoten.
Maar hoewel Hij smart veroorzaakt, zal Hij toch barmhartig zijn naar de veelheid van Zijn goedertierenheden.
33Want Hij verdrukt niet van harte, noch bedroeft Hij de mensenkinderen willens en wetens.
34Om alle gevangenen der aarde onder Zijn voeten te vertrappen.
35Om het recht van een man te verdraaien voor het aangezicht van de Allerhoogste.
36Om een man in zijn zaak te verdrukken — de HEER keurt dit niet goed.