Leviticus 4:11
“En de huid van de stier, en al zijn vlees, met zijn kop en met zijn poten, en zijn ingewanden en zijn mest,”
Kruisverwijzingen
Context
Leviticus 4 — omringende verzen
En de priester zal zijn vinger in het bloed dopen en van het bloed zevenmaal sprenkelen voor het aangezicht van de HEER, voor het voorhangsel van het heiligdom.
7En de priester zal wat van het bloed doen op de horens van het altaar van welriekend reukwerk voor het aangezicht van de HEER, hetwelk in de tent der samenkomst is; en al het bloed van de var zal hij gieten aan de voet van het brandofferaltaar, hetwelk aan de deur van de tent der samenkomst staat.
8En hij zal al het vet van de var voor het zondoffer daarvan afnemen: het vet dat de ingewanden bedekt, en al het vet dat op de ingewanden is,
9En de twee nieren met het vet dat daarop is, hetwelk bij de lendenen is, en het net boven de lever, dat hij met de nieren zal afnemen,
10Gelijk het van de var van de vredeoffergave afgenomen wordt; en de priester zal ze verbranden op het brandofferaltaar.
En de huid van de stier, en al zijn vlees, met zijn kop en met zijn poten, en zijn ingewanden en zijn mest,
De gehele stier zal hij buiten het kamp naar een reine plaats brengen, waar de as wordt uitgestort, en hem op het hout met vuur verbranden; waar de as wordt uitgestort, zal hij verbrand worden.
13En indien de gehele vergadering van Israël door onwetendheid zondigt, en de zaak verborgen is voor de ogen van de gemeente, en zij iets hebben gedaan tegen een van de geboden van de HEER aangaande dingen die niet gedaan mogen worden, en schuldig zijn;
14Wanneer de zonde, die zij daartegen begaan hebben, bekend wordt, dan zal de gemeente een jonge stier als zondoffer aanbrengen en hem voor de tabernakel der samenkomst brengen.
15En de oudsten van de gemeente zullen hun handen op de kop van de stier leggen voor het aangezicht van de HEER; en de stier zal voor het aangezicht van de HEER geslacht worden.
16En de priester die gezalfd is, zal van het bloed van de stier naar de tabernakel der samenkomst brengen;