Lukas 10:22
“Alle dingen zijn Mij overgegeven van Mijn Vader; en niemand weet wie de Zoon is dan de Vader, en wie de Vader is dan de Zoon, en hij aan wie de Zoon Hem wil openbaren.”
Kruisverwijzingen
Context
Lukas 10 — omringende verzen
En de zeventig keerden terug met vreugde en zeiden: Heer, zelfs de duivelen zijn ons onderworpen door Uw naam.
18En Hij zeide tot hen: Ik zag de satan als een bliksem uit de hemel vallen.
19Zie, Ik geef u de macht om op slangen en schorpioenen te treden, en over alle kracht van de vijand; en niets zal u in enig opzicht schaden.
20Verblijd u echter niet hierover, dat de geesten u onderworpen zijn, maar verblijd u veeleer, omdat uw namen zijn opgeschreven in de hemel.
21In datzelfde uur verheugde Jezus Zich in de Geest en zeide: Ik dank U, o Vader, Heer van hemel en aarde, dat U deze dingen voor de wijzen en verstandigen verborgen hebt en ze aan de kinderkens geopenbaard hebt; ja Vader, want zo is het een welbehagen geweest voor U.
Alle dingen zijn Mij overgegeven van Mijn Vader; en niemand weet wie de Zoon is dan de Vader, en wie de Vader is dan de Zoon, en hij aan wie de Zoon Hem wil openbaren.
En Hij keerde Zich naar Zijn discipelen en zeide vertrouwelijk: Zalig zijn de ogen die zien wat gij ziet;
24want Ik zeg u, dat vele profeten en koningen hebben begeerd te zien wat gij ziet, en het niet gezien hebben; en te horen wat gij hoort, en het niet gehoord hebben.
25En zie, een zekere wetgeleerde stond op en verzocht Hem om Hem te verzoeken, en zeide: Meester, wat moet ik doen om het eeuwige leven te beërven?
26Hij zeide tot hem: Wat is er in de wet geschreven? Hoe leest gij?
27En hij antwoordde en zeide: Gij zult de Heer uw God liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw kracht en met geheel uw verstand; en uw naaste als uzelf.