Terug naar Mattheüs 21
VSV
Statenvertaling

Mattheüs 21:26

Maar als wij zeggen: Uit mensen, dan vrezen wij de menigte; want allen houden Johannes voor een profeet.

Kruisverwijzingen

Context

Mattheüs 21 — omringende verzen

21

En Jezus antwoordde en zei tot hen: Voorwaar, Ik zeg u: indien u geloof hebt en niet twijfelt, dan zult u niet alleen dit doen wat met de vijgenboom gedaan is, maar ook als u tot deze berg zegt: Word opgeheven en in de zee geworpen, het zal geschieden.

22

En alles wat u in het gebed gelovig bidt, zult u ontvangen.

23

En toen Hij in de tempel gekomen was, kwamen de overpriesters en de oudsten des volks tot Hem terwijl Hij leerde, en zeiden: Door wat voor gezag doet U deze dingen? En wie heeft U dit gezag gegeven?

24

En Jezus antwoordde en zei tot hen: Ik zal u ook één ding vragen; en als u Mij dat zegt, zal Ik u ook zeggen door wat voor gezag Ik deze dingen doe.

25

De doop van Johannes, waar was die vandaan? Uit de hemel, of uit mensen? En zij overlegden bij zichzelf: Als wij zeggen: Uit de hemel, zo zal Hij tot ons zeggen: Waarom hebt u hem dan niet geloofd?

26

Maar als wij zeggen: Uit mensen, dan vrezen wij de menigte; want allen houden Johannes voor een profeet.

27

En zij antwoordden Jezus en zeiden: Wij weten het niet. En Hij zei tot hen: Dan zeg Ik u ook niet door wat voor gezag Ik deze dingen doe.

28

Maar wat denkt u? Een zeker man had twee zonen, en hij ging tot de eerste en zei: Zoon, ga heden werken in mijn wijngaard.

29

Hij antwoordde en zei: Ik wil niet; maar daarna berouwde het hem en hij ging.

30

En hij ging tot de tweede en zei evenzo. En die antwoordde en zei: Ik ga, heer; en hij ging niet.

31

Welke van de twee heeft de wil van zijn vader gedaan? Zij zeiden tot Hem: De eerste. Jezus zei tot hen: Voorwaar, Ik zeg u dat de tollenaars en de hoeren u voorgaan in het Koninkrijk Gods.