Mattheüs 8:23
“En toen Hij in het schip gegaan was, volgden Zijn discipelen Hem.”
Kruisverwijzingen
Context
Mattheüs 8 — omringende verzen
Toen Jezus grote scharen rondom Zich zag, gaf Hij bevel om naar de overkant te varen.
19En een zeker schriftgeleerde kwam en zei tot Hem: Meester, ik zal U volgen waar U ook heengaat.
20En Jezus zei tot hem: De vossen hebben holen en de vogels des hemels hebben nesten, maar de Zoon des mensen heeft niet waar Hij Zijn hoofd kan neerleggen.
21En een ander van Zijn discipelen zei tot Hem: Heer, sta mij toe eerst heen te gaan en mijn vader te begraven.
22Maar Jezus zei tot hem: Volg Mij, en laat de doden hun doden begraven.
En toen Hij in het schip gegaan was, volgden Zijn discipelen Hem.
En zie, er stak een hevige storm op in de zee, zodat het schip door de golven bedekt werd, maar Hij sliep.
25En Zijn discipelen kwamen tot Hem en maakten Hem wakker, en zeiden: Heer, red ons, wij vergaan.
26En Hij zei tot hen: Waarom bent u bevreesd, kleingelovigen? Toen stond Hij op en bestrafte de winden en de zee, en er kwam een grote stilte.
27En de mensen verwonderden zich en zeiden: Wat is dit voor een Man, dat zelfs de winden en de zee Hem gehoorzaam zijn!
28En toen Hij aan de overkant gekomen was, in het land der Gergesenen, ontmoetten Hem twee bezetenen die uit de graven kwamen; zij waren buitengewoon woest, zodat niemand langs die weg kon gaan.