Numeri 21:22
“Laat mij door uw land trekken. Wij zullen niet afwijken naar de akkers of naar de wijngaarden, wij zullen geen water uit de waterputten drinken. Wij zullen over de koninklijke weg gaan, totdat wij door uw gebied getrokken zijn.”
Kruisverwijzingen
Context
Numeri 21 — omringende verzen
Toen zong Israël dit lied: Spring op, o put! Zingt ervan!
18De vorsten hebben de put gegraven, de edelen van het volk hebben hem uitgehold met de wetgever, met hun staven. En vanuit de woestijn trokken zij naar Mattána.
19En van Mattána naar Naháliël, en van Naháliël naar Bamoth,
20en van Bamoth naar het dal dat in het veld van Moab ligt, bij de top van de Pisga, die uitziet over de wildernis.
21En Israël zond boden naar Sihon, de koning van de Amorieten, met deze boodschap:
Laat mij door uw land trekken. Wij zullen niet afwijken naar de akkers of naar de wijngaarden, wij zullen geen water uit de waterputten drinken. Wij zullen over de koninklijke weg gaan, totdat wij door uw gebied getrokken zijn.
Maar Sihon stond Israël niet toe door zijn gebied te trekken. En Sihon verzamelde al zijn volk en trok tegen Israël uit, de woestijn in. En hij kwam naar Jahaz en streed tegen Israël.
24En Israël versloeg hem met de scherpte van het zwaard en nam zijn land in bezit, van de Arnon tot de Jabbok, tot aan de Ammonieten toe, want de grens van de Ammonieten was sterk.
25En Israël nam al deze steden in, en Israël vestigde zich in al de steden van de Amorieten, in Hesbon en in al haar onderhorige plaatsen.
26Want Hesbon was de stad van Sihon, de koning van de Amorieten, die gestreden had tegen de vorige koning van Moab en al zijn land uit zijn hand genomen had, tot aan de Arnon toe.
27Daarom zeggen zij die in spreekwoorden spreken: Komt naar Hesbon! Laat de stad van Sihon gebouwd en gevestigd worden!