Openbaring 17:10
“En er zijn zeven koningen: vijf zijn gevallen, en een is er, en de ander is nog niet gekomen; en wanneer hij komt, moet hij een korte tijd blijven.”
Kruisverwijzingen
Context
Openbaring 17 — omringende verzen
En op haar voorhoofd was een naam geschreven: VERBORGENHEID, HET GROTE BABYLON, DE MOEDER VAN DE HOEREN EN VAN DE GRUWELEN DER AARDE.
6En ik zag de vrouw dronken van het bloed der heiligen en van het bloed der martelaren van Jezus; en toen ik haar zag, verwonderde ik mij met grote verwondering.
7En de engel zei tot mij: Waarom verwondert u zich? Ik zal u de verborgenheid zeggen van de vrouw en van het beest dat haar draagt, dat de zeven hoofden en de tien hoorns heeft.
8Het beest dat u zag, was er en is er niet, en het zal opkomen uit de afgrond en naar het verderf gaan; en de bewoners der aarde, wier namen niet geschreven zijn in het boek des levens van de grondlegging der wereld af, zullen zich verwonderen wanneer zij het beest zien, dat was en niet is, hoewel het is.
9En hier is het verstand dat wijsheid heeft: De zeven hoofden zijn zeven bergen, waarop de vrouw zit.
En er zijn zeven koningen: vijf zijn gevallen, en een is er, en de ander is nog niet gekomen; en wanneer hij komt, moet hij een korte tijd blijven.
En het beest dat was en niet is, dat is zelf de achtste, en is uit de zeven, en gaat naar het verderf.
12En de tien hoorns die u zag, zijn tien koningen, die nog geen koninkrijk ontvangen hebben, maar zij ontvangen macht als koningen, een uur lang, met het beest.
13Dezen zijn van een en dezelfde gezindheid, en zullen hun kracht en macht aan het beest geven.
14Dezen zullen oorlog voeren tegen het Lam, en het Lam zal hen overwinnen, want Hij is Heer der heren en Koning der koningen, en die met Hem zijn, zijn geroepenen en uitverkorenen en gelovigen.
15En hij zei tot mij: De wateren die u zag, waar de hoer op zit, zijn volken en menigten en natiën en talen.