Terug naar Richteren 5
VSV
Statenvertaling

Richteren 5:16

Waarom bleeft gij tussen de schaapskooien, om te luisteren naar het gefluit voor de kudden? Bij de afdelingen van Ruben waren er grote overleggingen des harten.

Kruisverwijzingen

Context

Richteren 5 — omringende verzen

11

Zij die bevrijd zijn van het lawaai der boogschutters bij de waterputten, daar zullen zij de rechtvaardige daden van de HEER vermelden, ja, de rechtvaardige daden jegens de bewoners van Zijn dorpen in Israël. Toen daalde het volk van de HEER af naar de poorten.

12

Ontwaak, ontwaak, Debora; ontwaak, ontwaak, hef een lied aan. Sta op, Barak, en voer uw gevangenen weg, gij zoon van Abinoam.

13

Toen deed Hij het overblijfsel heersen over de edelen onder het volk; de HEER deed mij heersen over de machtigen.

14

Uit Efraïm was hun wortel tegen Amalek; achter u, Benjamin, onder uw volken; uit Machir kwamen leiders neer, en uit Zebulon zij die de staf des schrijvers hanteren.

15

En de vorsten van Issaschar waren met Debora; ja, Issaschar, en ook Barak; hij werd te voet uitgezonden in het dal. Bij de afdelingen van Ruben waren er grote gedachten des harten.

16

Waarom bleeft gij tussen de schaapskooien, om te luisteren naar het gefluit voor de kudden? Bij de afdelingen van Ruben waren er grote overleggingen des harten.

17

Gilead bleef aan de overzijde van de Jordaan; en waarom vertoefde Dan bij de schepen? Aser bleef aan de zeekust, en vertoefde bij zijn havens.

18

Zebulon en Naftali waren een volk dat zijn leven waagde tot de dood toe op de hoogten van het veld.

19

De koningen kwamen en streden; toen streden de koningen van Kanaän in Taänach, bij de wateren van Megiddo; zij behaalden geen winst van zilver.

20

Zij streden vanuit de hemel; de sterren in hun banen streden tegen Sisera.

21

De beek Kison sleepte hen weg, die oude beek, de beek Kison. O mijn ziel, gij hebt de macht vertrapt.