Romeinen 10:5
“Want Mozes beschrijft de gerechtigheid die uit de wet is, aldus: De mens die deze dingen doet, zal daardoor leven.”
Kruisverwijzingen
Context
Romeinen 10 — omringende verzen
Broeders, de begeerte van mijn hart en mijn gebed tot God voor Israël is, dat zij behouden mogen worden.
2Want ik getuig van hen, dat zij een ijver voor God hebben, maar niet naar kennis.
3Want omdat zij de gerechtigheid van God niet kenden en hun eigen gerechtigheid trachtten te vestigen, hebben zij zich aan de gerechtigheid van God niet onderworpen.
4Want Christus is het einde der wet tot gerechtigheid voor een ieder die gelooft.
Want Mozes beschrijft de gerechtigheid die uit de wet is, aldus: De mens die deze dingen doet, zal daardoor leven.
Maar de gerechtigheid die uit het geloof is, spreekt aldus: Zeg niet in uw hart: Wie zal in de hemel opklimmen? dat is, om Christus van boven neer te halen.
7Of: Wie zal in de afgrond nederdalen? dat is, om Christus uit de doden omhoog te brengen.
8Maar wat zegt zij? Het Woord is u nabij, ja in uw mond en in uw hart; dit is het Woord des geloofs, dat wij prediken.
9Want indien u met uw mond belijdt dat Jezus de Heer is, en in uw hart gelooft dat God Hem uit de doden heeft opgewekt, zult u behouden worden.
10Want met het hart gelooft men tot gerechtigheid, en met de mond belijdt men tot zaligheid.