Romeinen 2:14
“Want wanneer de heidenen, die de wet niet hebben, van nature de dingen doen die in de wet staan, dezen, de wet niet hebbende, zijn zichzelf een wet;”
Kruisverwijzingen
Context
Romeinen 2 — omringende verzen
Verdrukking en benauwdheid, over elke ziel van de mens die het kwade doet; de Jood eerst, en ook de Griek;
10Maar heerlijkheid, eer en vrede aan ieder die het goede doet; de Jood eerst, en ook de Griek;
11Want er is geen aanzien des persoons bij God.
12Want zovelen als er zonder wet gezondigd hebben, zullen ook zonder wet verloren gaan; en zovelen als er onder de wet gezondigd hebben, zullen door de wet geoordeeld worden;
13(Want de hoorders der wet zijn niet rechtvaardig voor God, maar de daders der wet zullen gerechtvaardigd worden.
Want wanneer de heidenen, die de wet niet hebben, van nature de dingen doen die in de wet staan, dezen, de wet niet hebbende, zijn zichzelf een wet;
Dezen bewijzen het werk der wet geschreven in hun harten, hun geweten ook getuige zijnde, en hun gedachten ondertussen elkander beschuldigende of ook ontschuldigende;)
16Op de dag wanneer God de verborgenheden der mensen zal oordelen door Jezus Christus, naar mijn evangelie.
17Zie, gij wordt een Jood genaamd en rust in de wet, en roemt in God,
18En kent Zijn wil, en onderscheidt de dingen die voortreffelijker zijn, onderwezen zijnde uit de wet;
19En vertrouwt dat gij zelf een leidsman der blinden zijt, een licht voor hen die in de duisternis zijn,