1 Koningen 4:15
“Ahimaäz was in Naftali; hij nam ook Basmat, de dochter van Salomo, tot vrouw;”
Kruisverwijzingen
Context
1 Koningen 4 — omringende verzen
De zoon van Hesed, in Arubbot; hem behoorde Socho en geheel het land van Hefer;
11De zoon van Abinadab, in heel het gewest van Dor; hij had Tafath, de dochter van Salomo, tot vrouw;
12Baäna, de zoon van Ahilud; hem behoorden Taänach en Megiddo, en heel Bet-Sean, dat bij Zartana ligt, beneden Jizreël, van Bet-Sean tot Abel-Mehola, ja tot voorbij Jokneam;
13De zoon van Geber, in Ramot-Gilead; hem behoorden de vlekken van Jaïr, de zoon van Manasse, die in Gilead liggen; hem behoorde ook het gewest Argob, dat in Basan ligt, zestig grote steden met muren en koperen grendels;
14Ahinadab, de zoon van Iddo, had Mahanaïm;
Ahimaäz was in Naftali; hij nam ook Basmat, de dochter van Salomo, tot vrouw;
Baäna, de zoon van Husai, was in Aser en in Alot;
17Josafat, de zoon van Paru'ach, in Issaschar;
18Simeï, de zoon van Ela, in Benjamin;
19Geber, de zoon van Uri, was in het land Gilead, in het land van Sihon, de koning der Amorieten, en van Og, de koning van Basan; en hij was de enige opziener die in dat land was.
20Juda en Israël waren talrijk als het zand aan de zee in menigte, etende en drinkende en vrolijk zijnde.