1 Kronieken 24:29
“Aangaande Kis: de zoon van Kis was Jerahmeel.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 24 — omringende verzen
Van de zonen van Uzziël: Micha; van de zonen van Micha: Samir.
25De broeder van Micha was Jissia; van de zonen van Jissia: Zacharia.
26De zonen van Merari waren Mahli en Musi; de zonen van Jaäzja: Beno.
27De zonen van Merari door Jaäzja: Beno, en Soham, en Zakkur, en Ibri.
28Van Mahli kwam Eléazar voort, die geen zonen had.
Aangaande Kis: de zoon van Kis was Jerahmeel.
De zonen van Musi waren ook: Mahli, en Eder, en Jerimoth. Dit waren de zonen van de Levieten naar het huis van hun vaderen.
31Dezen wierpen eveneens het lot tegenover hun broeders, de zonen van Aäron, in de tegenwoordigheid van de koning David, en van Zadok, en Achimelech, en de hoofden der vaderen van de priesters en Levieten, namelijk de voornaamste vaderen tegenover hun jongere broeders.