2 Koningen 6:3
“En een zeide: Wees toch bereid en ga met uw knechten. En hij zeide: Ik zal gaan.”
Kruisverwijzingen
Context
2 Koningen 6 — omringende verzen
En de zonen der profeten zeiden tot Elisa: Zie toch, de plaats waar wij voor uw aangezicht wonen is te nauw voor ons.
2Laat ons toch naar de Jordaan gaan, en van daar ieder een balk halen, en laat ons daar een plaats maken om te wonen. En hij zeide: Gaat heen.
En een zeide: Wees toch bereid en ga met uw knechten. En hij zeide: Ik zal gaan.
Zo ging hij met hen. En toen zij bij de Jordaan gekomen waren, hakten zij hout.
5Maar als een een balk velde, viel de bijl in het water; en hij riep en zeide: Ach, mijn heer! want het was geleend.
6En de man Gods zeide: Waar is hij gevallen? En hij wees hem de plaats. En hij sneed een stuk hout af en wierp het daarin; en het ijzer dreef boven.
7Daarom zeide hij: Neem het op. En hij stak zijn hand uit en nam het.
8Toen voerde de koning van Syrië oorlog tegen Israël, en hij beraadslaagde met zijn knechten, zeggende: Op die en die plaats zal mijn kamp zijn.