Deuteronomium 30:14
“Maar het Woord is zeer nabij u, in uw mond en in uw hart, om het te doen.”
Kruisverwijzingen
Context
Deuteronomium 30 — omringende verzen
En de HEER uw God zal u overvloedig zegenen in al het werk uwer handen, in de vrucht uws lichaams en in de vrucht uws vees en in de vrucht uws lands, ten goede; want de HEER zal weder over u Zich verheugen ten goede, zoals Hij Zich verheugde over uw vaderen;
10Indien gij de stem van de HEER uw God hoort, om Zijn geboden en Zijn inzettingen te onderhouden die in dit wetboek geschreven zijn, en indien gij u bekeert tot de HEER uw God met geheel uw hart en met geheel uw ziel.
11Want dit gebod dat ik u heden gebied, is niet te wonderlijk voor u, noch is het ver van u.
12Het is niet in de hemel, dat gij zoudt zeggen: Wie zal voor ons ten hemel opvaren en het ons brengen, dat wij het horen en doen?
13Noch is het overzee, dat gij zoudt zeggen: Wie zal voor ons de zee oversteken en het ons brengen, dat wij het horen en doen?
Maar het Woord is zeer nabij u, in uw mond en in uw hart, om het te doen.
Zie, ik heb u heden voorgesteld het leven en het goede, en de dood en het kwade;
16Doordat ik u heden gebied de HEER uw God lief te hebben, in Zijn wegen te wandelen en Zijn geboden, Zijn inzettingen en Zijn rechten te onderhouden, opdat gij leeft en vermenigvuldigt; en de HEER uw God zal u zegenen in het land waarheen gij gaat om het in bezit te nemen.
17Maar indien uw hart zich afkeert, zodat gij niet horen wilt, maar verleid wordt en andere goden aanbidt en hen dient;
18Zo verkondig ik u heden, dat gij zekerlijk zult vergaan en dat gij uw dagen niet zult verlengen in het land waarheen gij over de Jordaan trekt om het in bezit te nemen.
19Ik roep heden de hemel en de aarde tot getuigen tegen u, dat ik u het leven en de dood, de zegen en de vloek heb voorgesteld; kiest dan het leven, opdat gij leeft, gij en uw nageslacht;