Markus 12:8
“En zij namen hem, en doodden hem, en wierpen hem buiten de wijngaard.”
Kruisverwijzingen
Context
Markus 12 — omringende verzen
En zij grepen hem, en sloegen hem, en zonden hem ledig heen.
4En hij zond tot hen wederom een andere dienstknecht; en zij wierpen stenen naar hem en verwondden hem aan het hoofd, en zonden hem smadelijk behandeld heen.
5En hij zond wederom een ander; en die doodden zij, en ook velen anderen; sommigen sloegen zij en anderen doodden zij.
6Nog had hij één zoon, zijn geliefde; ook die zond hij als laatste tot hen, zeggende: Zij zullen mijn zoon ontzien.
7Maar die pachters zeiden onder elkander: Dit is de erfgenaam; komt, laat ons hem doden, en de erfenis zal de onze zijn.
En zij namen hem, en doodden hem, en wierpen hem buiten de wijngaard.
Wat zal dan de heer van de wijngaard doen? Hij zal komen en de pachters verdelgen, en de wijngaard aan anderen geven.
10En hebt gij deze Schrift niet gelezen: De steen die de bouwlieden verworpen hebben, is geworden tot een hoeksteen;
11Dit is van de HEER geschied, en het is wonderlijk in onze ogen?
12En zij zochten Hem te grijpen, maar vreesden het volk; want zij begrepen dat Hij de gelijkenis tegen hen gesproken had; en zij verlieten Hem en gingen heen.
13En zij zonden tot Hem enigen van de Farizeeën en van de Herodianen, om Hem in Zijn woorden te vangen.