Mattheüs 13:12
“Want wie heeft, dien zal gegeven worden, en hij zal overvloed hebben; maar wie niet heeft, van dien zal genomen worden ook wat hij heeft.”
Kruisverwijzingen
Context
Mattheüs 13 — omringende verzen
En andere vielen tussen de doornen, en de doornen schoten op en verstikten ze.
8Maar andere vielen in goede grond en brachten vrucht voort, sommige honderdvoud, sommige zestigvoud, sommige dertigvoud.
9Wie oren heeft om te horen, die hore.
10En de discipelen kwamen en zeiden tot Hem: Waarom spreekt U tot hen in gelijkenissen?
11Hij antwoordde en zei tot hen: Omdat het u gegeven is de verborgenheden van het Koninkrijk der hemelen te kennen, maar hun is het niet gegeven.
Want wie heeft, dien zal gegeven worden, en hij zal overvloed hebben; maar wie niet heeft, van dien zal genomen worden ook wat hij heeft.
Daarom spreek Ik tot hen in gelijkenissen, omdat zij ziende niet zien, en horende niet horen, noch verstaan.
14En in hen wordt vervuld de profetie van Jesaja, die zegt: Horende zult gij horen en geenszins verstaan, en ziende zult gij zien en geenszins bemerken.
15Want het hart van dit volk is dik geworden, en met hun oren horen zij zwaarlijk, en hun ogen hebben zij gesloten, opdat zij niet te eniger tijd met hun ogen zouden zien en met hun oren horen, en met hun hart verstaan, en zich bekeren, en Ik hen genezen zou.
16Maar zalig zijn uw ogen, want zij zien, en uw oren, want zij horen.
17Want voorwaar, Ik zeg u dat vele profeten en rechtvaardigen hebben begeerd te zien wat gij ziet, en hebben het niet gezien, en te horen wat gij hoort, en hebben het niet gehoord.