Terug naar Romeinen 8
VSV
Statenvertaling

Romeinen 8:22

Want wij weten dat de hele schepping tezamen zucht en tezamen in barensnood verkeert tot nu toe.

Kruisverwijzingen

Context

Romeinen 8 — omringende verzen

17

En als wij kinderen zijn, dan ook erfgenamen: erfgenamen van God en mede-erfgenamen van Christus; als wij tenminste met Hem lijden, opdat wij ook met Hem verheerlijkt worden.

18

Want ik ben er zeker van dat het lijden van deze tegenwoordige tijd niet opweegt tegen de heerlijkheid die aan ons geopenbaard zal worden.

19

Want het reikhalzend verlangen van de schepping wacht op de openbaring van de zonen van God.

20

Want de schepping is onderworpen aan de zinloosheid, niet vrijwillig, maar door hem die haar daaraan onderworpen heeft, in hoop,

21

Omdat ook de schepping zelf bevrijd zal worden van de slavernij van de vergankelijkheid tot de vrijheid van de heerlijkheid van de kinderen van God.

22

Want wij weten dat de hele schepping tezamen zucht en tezamen in barensnood verkeert tot nu toe.

23

En niet alleen dat, maar ook wijzelf, die de eerstelingen van de Geest hebben, ook wij zuchten in onszelf, terwijl wij de aanneming tot kinderen verwachten, namelijk de verlossing van ons lichaam.

24

Want wij zijn door de hoop zalig geworden; maar een hoop die gezien wordt, is geen hoop; want wat iemand ziet, waarom zou hij dat nog hopen?

25

Maar als wij hopen wat wij niet zien, dan verwachten wij het met geduld.

26

En evenzo komt de Geest onze zwakheden te hulp; want wij weten niet wat wij bidden moeten zoals het behoort, maar de Geest Zelf pleit voor ons met onuitsprekelijke verzuchtingen.

27

En Hij die de harten doorzoekt, weet wat de gezindheid van de Geest is, omdat Hij voor de heiligen pleit naar de wil van God.