1 Kronieken 25:23
“het zestiende aan Hananja, hij, zijn zonen en zijn broeders waren twaalf;”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 25 — omringende verzen
het elfde aan Azaréel, hij, zijn zonen en zijn broeders waren twaalf;
19het twaalfde aan Hasabja, hij, zijn zonen en zijn broeders waren twaalf;
20het dertiende aan Subaël, hij, zijn zonen en zijn broeders waren twaalf;
21het veertiende aan Mattithja, hij, zijn zonen en zijn broeders waren twaalf;
22het vijftiende aan Jeremoth, hij, zijn zonen en zijn broeders waren twaalf;
het zestiende aan Hananja, hij, zijn zonen en zijn broeders waren twaalf;
het zeventiende aan Josbekas, hij, zijn zonen en zijn broeders waren twaalf;
25het achttiende aan Hanani, hij, zijn zonen en zijn broeders waren twaalf;
26het negentiende aan Mallothi, hij, zijn zonen en zijn broeders waren twaalf;
27het twintigste aan Eliatha, hij, zijn zonen en zijn broeders waren twaalf;
28het eenentwintigste aan Hothir, hij, zijn zonen en zijn broeders waren twaalf;